66.
Eens mocht met recht de gramschap ons gelaat
Doen vlammen bij zulke ongerechtigheden:
Maar nu, wat zijn ze? Eene enkle gruweldaad
Verdonkert al de grieven van 't verleden!
Ach, Reinout is gevallen door verraad!
Zij hebben 't recht van God en Mensch vertreden!
En spaart hen 't vuur des Hemels? Heeft de kuil
Der Hel ze niet verzwolgen in den muil? ....