69.
Maar 'k vrees, dat licht, door vleitaal en gebeden,
Der Grieken Vorst, met de oude arglistigheid
Hem overhaal' te keeren op zijn schreden,
Of, vér van ons, hem op een dwaalweg leid'!
Ga dan, mijn Boô! Zoek gij hem te overreden!
Zeg, dat bij ons de glorie hem verbeidt!
Dat hij zich haaste, omdat elk schandlijk toeven
De schimmen zijner vaadren zou bedroeven!