47.
Neen! neen! bij God! Verwin U-zelv', en kluister
De hovaardij van uw ontstelden geest!
Buk - niet uit vrees, maar plichtbesef! De luister
Van zúlk een palm blinkt in Gods oogen 't méést.
Mijn voorbeeld moge uw leidstar zijn in 't duister:
Ook ik ben in mijn jeugd gekrenkt geweest;
Reeds had de wraak mijn dollen voet gevleugeld,
Toch bleef ik staan: ik heb mij-zelv' beteugeld!