Skip to content
1645

Arions vingertuig

Thomas Fonteyn

Toon: ô Nan, of Tanneken. Aan, G… PUikkroon, van Deugd, en hooge gaaven! O! Schoonheid! hoe kent zijn, Schoonheid, hoe kent zijn Dat in u niet leid begraven, Tgun verlicht benouwde pijn? O, dat harde weezen! Dat u Ziel bewoond, Doet my duisend vreezen, Wijl ‘et my zo troond. Heeft mijn gemoed aan u misdaen, En hebb ik uit ‘et spoor gegaan, Zo wijs my mijne failen aan,

En vergt beken van quaad: Ik buigm’ ootmoedig ne’er, ‘Kbuigm’ ootmoedig ne’er, Voor de Godheid van u gunste, Ist u lust en Ziels begeer? Zaftzinnigheid, zo schoon een Deugde, Vercierd een jonge Maagd, Cierd een jonge Maagd Enze baard, zoda’en een vreugde Die opregte weldaad draagd. Tstruns en ‘t stuirsze weezen Baard affkeerigheid: Zoetigheid, in deezen, Baard begeerigheid. Een zaft, en vrundelijk gemoed Verwekt ook diergelijk een zoet, Voor tgun zy an ‘er naaste doet, Dies blijftze wel bemind, Van yder int gemeen, Yder int gemeen

O zaftzinnigheid wy prijzen V, na Wet na Recht na re’en. Deugd baard roem.

Cookies on Poetry Cove

We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.
Arions vingertuig · Thomas Fonteyn · Poetry Cove