Skip to content
1645

Arions vingertuig

Thomas Fonteyn

Toon: Almande Schak. WAt baard de Minnijt niet! Wat laatze niet geschieden! Als een, die met verdriet Het gun hy liefd, moet vlieden, ‘K heb Trijntje zoo gezind Dat zy geen trouwer vind Maar ag! wat ist: want ziet! Iaap komt zijn dienst ‘er bieden. Nu sta ik als versteld, Ik kan ‘er hart niet winnen! Zy klaagd, en zeid, je queld My, dat ik uw’ zou minnen; Neen Klaas, laat u gezucht, ‘K heb tog op u geen lucht: Gy hebt zo zeer geen Geld, En dat verkracht mijn zinnen,

Dit zeidze alledaag, Dies moet ik uit ‘er oogen. En Iaapik zietze graag Met ‘t zailtje opgetoogen. Iaap wint ‘er fier gemoed; Wijl hy zoo znoft op ‘t goed. Maar tis een wisze plaag, Men word door tgeld bedroogen. Tis lijkkewel een Meid, Rechtschaape mooi, ‘s heeft handen, En voeten, die bereidd Ter loop zijn. Maar wat schanden! Nu Iaapje ‘t eenig witt Is, tgun ‘er hart bezit, Zo voel ik my geleid Na ‘t Treurhuis, vast met banden, Om te boeien. Ist niet een wonderwerk, dat die verbrutste Diertjes. Na ‘t geld, en niet na Deugd, zo dapper bennen giertjes?

Cookies on Poetry Cove

We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.
Arions vingertuig · Thomas Fonteyn · Poetry Cove