Skip to content
1645

Arions vingertuig

Thomas Fonteyn

Toon: Alemande Terrouan. EEns toen Amaril, Des morgens voor de Zonn’, Raakten op den tril, Met dat Auroor begon

Haar goude pruik Te beuren uitte kimmen: Gingkze met een struik Op enig zandduin klimmen. Koridon, nu ree Haar hebbend in’t gezicht, Trad al zoetjes mee, En quam by haar zo dicht Dat zy, verbaast, Heel schielijk schrikt en schreumde, Hy, we’er metter haast Angreep ‘er, wijlze kleumde. Want de koude schrik, Nam ‘er Zieltjes kragt Dat een ogenblik Haar schier had omgebragt: Want zy en wist Niet, wie het mogte weezen Die, uit Guitte list, Haar eindeling mogt doen vreezen.

Maar ‘et waszer vriend, Haar trouwe Koridon: Die ‘r vaak heeft gediend By d’een of d’ander Bronn’, Off op ‘et veld. Toen wier ‘et al vergeeven, Hy wier vry gesteld Van tgun hy had bedreeven. Na veel koozery, En flonkkrig gegluir, Van zoet gestrook, gevry Van t’een in ‘t ander uir, Dat Febus ren Lei na de lijni heene, Toen quam Venus, en Zy deed ‘er twee vereenen. Op elliks woord.

Cookies on Poetry Cove

We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.
Arions vingertuig · Thomas Fonteyn · Poetry Cove