O Toomelooze min! van my uit lust gekooren:
Wat hebtge my al ramps, en ongevals beschooren!
Mijn hart deurwroeteld, daar die znood’ heur woning
houd,
Hoewel een wainig ne’ergedouwd.
Cookies on Poetry Cove
We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.