Het schepnet.
'k Zal met ijver
Uit deez' vijver,
- Lieve jet!
Naar verlangen
Vischjes vangen
In dit net.
'k Zal naar snoeken
Wel niet zoeken,
Mij te sterk.
Spichtige alen
Op te halen
Is mijn werk.
'k Vang ook blijën,
En, bij tijën,
Zelfs een baars.
Vorens mede
Hier ter stede,
Zijn niet schaars.
Zie hen woelen
En krioelen
In den plas.
Maar hun dartlen
En hun spartlen
Stoor ik ras.
Blijf maar kijken!
't Zal u blijken,
Wat ik doe.
Klaar is 't netje;
Kom nu, jetje!
En zie toe.
J. v. L.