Bl. 10.
Het losgedonderd schot.
Aardig zingt Loots op de taal:
Één rijkdom, ja, zien we u ontbreken,
Maar 't is gemis, dat u vereert,
En ach! dat geene tong kost spreken,
Wat gij niet hebt als spraak geleerd!
Ach! dat men in geen taal kost spellen
Het tuig, dat donders aan doet snellen
Noch rang der dienaars van den dood!
Ach! dat men nog geen woord kon reppen
Van 't geen de weelde al wist te scheppen!
Ware elke taal hier arm en bloot!