Skip to content
1830

De wanorde en omwenteling op den Vlaemschen zangberg

Prudens Duyse

IV.

Daar trekt me een burger bij de mouw, met dit vermaan- Cinthius aurem

Vellit et admonuit.

Virg. Ecl. VI.

‘Mij trok Apollo bij het oor, met dit vermaan.’ Dat hij zulks in onze eeuw aan menigen Dichter met meer recht dan aan Virgilius zou mogen doen, behoeft geene aanmerking. - Dit is toch ook uit de Mythologie gesproken!: ‘Zijn 't allen geene koks, die lange messen dragen, Laat gij die Rijmers daar; u zullen zij niet plagen. Verstoor geen Metromaan, alreeds van afgunst vaal. Elk meent zijn uil een valk, zijn koekoek nachtegaal. 't Is nog al, zoo het plagt: verlichting moge schitteren, Men kan ons nog niet ligt verbeetren, wel verbitteren.’ Dit helpt hier niet: ik voed een onweêrstaanbren gril, Wijl ik den Rijmelaars hun les berijmen wil. Maar neen! geen gril, geen waan, geene afgunst, die wij wekken, Om tegen 't Rijmlaarsgild met moed ten strijd te trekken. De Kunsten zijn de roem, de wellust van een Land; En 'k zie den wansmaak, die de Dichtkunst hier verbant!

'k Laat Rijmlaressen daar: 'k mag hier er schaars ontdekken. Gelijk men meent, zou de inkt de rozenhandjes vlekken. Ook schrikt een meisje, zegt een zoetert: ‘liefste kind! 'k Zal proza spreken, zoo gij verzen niet bemint.’ Hij zou mij, denkt ze, met dit proza wel betooveren; Want wat hij verzen noemt kon reeds mijn hart veroveren. En wordt er antwoord op een suikerbrief verwacht, 't Fransch ongerijmde boek wordt dan te berd gebragtLe secrètaire des amans, 13e éd. de Bruxelles. Een fransch geheimschrijver aan menige vlaamsche steedsche minnares onontbeerlijk. Het is volledig bewezen, dat het fransch-alleen tot eens déclaration d'amour geschikt isMen wil, par exemple, eene déclaration d'amour doen. Men wil een recht chef-d'oeuvre van welsprekendheid vertoonen..... verstaat ge; men heeft er op gestudeerd. Hèlas! naauwlijks zijn er een dozijn woorden gebezigd, zoo haakt de tong nu hier, dan daar: de tanden raken pêle-mêle onder elkander; het verhemelte twist met de keel; en zendt men niet spoedig een dozijn woorden achterna, om alles weder in behoorlijke orde te brengen, zoo risqueert men, om de spraak voor eeuwig te verliezen. [De graaf in het tooneelstuk van Kotzebur, de onechte soon.].. Uit hare boekzaal (mag heur kamer daarmeê pralen,) Gaat zij verstand, verguld op boord en snede, halen,

Als had ze aan 't hof verkeerd van grooten LodewijkHet hier en elders voorkomende spotteeken zag ik gaarne ingevoerd: echter zou men moeten zorg dragen, om hetzelve met het uitroepingsteeken niet te verwarren. Een waarde vriend¡ of een weledel¡ hooggeboren¡ zeer of hooggeleerd heer¡ zou welligt des schrijvers bedekte denkwijze verraden.; En geeft van kunde in 't na te schrijven de eêlste blijk. In 't kaartspel is zij mede, als Munito, bedrevenMunito is de door gansch Europa bekende hond, een goed kaartspeler. Menig braaf man, die, even als ik, een werk cum notis perpetuis heeft uitgegeven, zal nimmer tot de vermaardheid van dit schrander dier gerakenLes Moines du dernier siècle.... excelloient à former les animaux; ils étendoient même leurs instructions sur les matières les plus délicates. Une des plus belles éducations qu'ils aient jamais faite en ce genre, est, sans contredit, celle du chien du monastère de Corbie. L'histoire nous apprend qu'il étoit d'une dévotion exemplaire, qu'il entendoit la messe très-dévotement, et prenoit les attitudes convenables à l'évangile et à l'élévation.

Zie de aanteekening van Reaumur de la Tache, in het werk: Observations physiques et morales sur l'instinct des animaux, trad. de l'allem. du Prof. Reimar Amst., 1770. T.I., p. 164; en het aldaar beroepen werk van Pater Bridoul...: Zoo dat studenten zelfs voor haar in 't kaartspel beven!

Maar de armoê van dien kant wordt rijk door u vergoed, O Rimax, aan het rijm verspilt gij zweet en bloed. ‘Ik houd elk rijm voor dicht’ rijmt gij ‘'t kan niet manquerenMen leze Rabener's bewijs der onontbeerlijkheid van het rijm, door Nomsz nagevolgdMengelwerken, bl. 186. en Hoffham's aardig mengelmoesTheorie der Ned. poëzij, bl. 19.. Jan Vos was mede van Rimax gevoelen:

Het duitsche dicht behoort aan 't endt gerijmt te wezen: De vuurpijl die best slaat wordt alderbest geprezen. Wie visch wil eeten, heeft het ook op saus gemunt. Een rijmloos dicht is als een lemmer zonder punt.

Wij zullen hier iets over dezen man aanteekenen, die gedurende een eeuw lang als een wonderpoeët werd aangemerkt, die alles aan de natuur en niets aan de kunst te danken had. Hij werd geboren tot Amsterdam, omtrent 1620, en was een glazenmaeker. In 1641 trad hij met zijn brommend Treurspel Aran en TitusBilderdijk's verhandeling over dit stuk vindt men in zijne Bijdragen tot de tooneelpoëzif. Leijden, 1823. bl. 13. voor den dag. Van Baerle, de verdienstelijke Van Baerle dichte, of liever verdichte, bij deszelfs verschijning:

- Een ongeletterd gast. Wijst nu de wereld aan wat dat een treurspel is.

Zijn tweede treur- of liever moordspel was nog wanschapener. Vondel, die hem het meest in het licht stond, gaf hij menigvuldige stof tot klagen. Hij stierf in vrij wat onbekrompener omstandigheden dan deze zijn' tegenvoeter. Welligt had hij een' zoo groot aanleg tot Dichten dan Vondel, maar deze, N.B.! liet zich te regt wijzen, en Vos was eigenzinnig, trotsch, verwaand.

Bij dezen glazenmaker voege men Jacob Wigbout, overleden op Wieringen in 1824, een' oud schipper, die in 1823 eenige hartelijke Mengeldichten in het licht gaf; en den min verdienstelijken Adriaan de Kramer, die waarschijnlijk beter zijn ijzer, dan zijne verzen, aan zijn aambeeld smeeddeZie Witsen Geysbrek, Woordenboek der Ned. Dichters. Over deze dichtverschijnsels; die wij gerust aan de fransche Dichters, Baumier, glazenmaker te Marseillie; Adam, schrijnwerker te Nivers; en Frémolle, schoenmaker te Brussel, mogen tegenstellen; allen Sutores ultrà crepidam, schoenmaekers boven hunnen leest.. Wie kent Poor niet (in Holland ten minste)? - Het dichtstuk: De lof der Nederlandsche Nijverheid van Kraan, turfschipper te Breda, werd onlangs door de Koninklijke Letterkundige Maatschappij van Brugge bekroond.. 'k Heet onrijm ondicht, hoe zich Bellamij's verweren.’ Waarvoor ge mijn gerijm wilt houden, raakt mij niet. 'k Voer 't wapen tegen u, waarmeê gij nederschiet. Mij, zwakken legerknecht, weegt zwaar dit schriklijk wapen, Maar 't is vrij erger werk in 't koffijhuis te gapenDe literatuur stelt men hier ver boven de litteratuur.

Tandis que le français va dans un cercle aimable Respirer la gaité, s'exercer au bon ton, Près d'un sexe enchanteur, dont la douce leçon, Revèle à l'écolier l'heureux secret de plaire, On nous voit adoptant une mode contraire, Fréquenter ces réduits, où loin de la beauté S'établit la licence et la rusticité. Paridaens, Epître à Jouy sur les estaminets.

Deze aanhaling verzoene mij met de Vlaamsche Schoonen, die zich, wegens onkunde, door mij ten onregte misschien, mogten beledigd achten; in veronderstelling dat er ééne, of eenige onder haar, mijn werkje immer mogten lezen.

Wij willen hier zelfs den Schrijveren een wenk geven: eene schets der roemwaardige vlaamsche vrouwen ware zeer belangrijkZoo belangrijk als een werk dat de omwenteling in onze estaminets of op de schouwburgen onzer Rhetorijken zou ten onderwerp hebben.. Gend heeft zelfs eene latijnsche Dichteres voortgebragtMen raadplege de wijdloopige aanteekeningen op het Dichtstuk: Les Belges, door Le Mayeur. Zijn, bij prospectus onlangs voorgesteld, Dichtstuk in X zangen: La gloire Belgique, is niet uitgekomen. Wij verliezen hier zeer waerschijnlijk belangrijke aanteekeningen bij. Het beste Dichtwerk over dit ontwerp is het fransche van Lesbroussart. Zullen wij, Vlamingen, nimmer een' tegenhanger der Hollandsche Natie in Helmers taal en stijl bezitten?..

Cookies on Poetry Cove

We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.