X.
Op, Dichters! aan de Kunst met warme ziel gehecht! Triumf, in Vlaandren's oord bloeit Ge eens! Ik heb 't gezegdHelena van den Clooster, die, in 1747, eene soort van sybille was, vlocht onder anderen, ‘uyt hierder-heybloemetjes, eene harderwycker mey-kroon’ om het hoofd van Z.D.H. Willem Karel Henrik FrisoDichtk. lauwerbladen voor Z.D.H.W.K.H. Friso, D. I, bl. 132., die de Pythonisse Zijner Hoogheid met deze orakeltaal op den schedel drukte:
- God doe u 't zamen gryzen, En d'eere van uw Huis hoe langs, hoe hooger ryzen, Tot dat Hy aan U geev' de kroon der heerlykheit, Besprenkeld met het bloed des lams! Ik heb 't gezeit.
‘Dit’ ik heb 't gezeit, ‘der Harderwijksche Maget’, zegt W. Geysbeekw. geysbeek, Woordenboek, D. II, bl. 71. ‘overtreft alle tirades van dezen aard, van Corneille's qu'il mourût!’ af, tot Van Alphen's: ‘God zei: ik’ toeDe letterkundige Nederlanders zijn natuurlijk met Corneille meer bekend, dan met den Nederlandschen Dichter Van Alphen. wij schrijven derhalve het hier bedoelde vers af.
De dood van Prins willem den eersten. ‘Daar ligt de hoop van staat! wie stuit nu Spanjes woeden? De handen hangen slap: de held is bleek van schrik! Wie leeft er, die, na Hem, ons Neêrland kan behoeden?’ Zoo sprak het weerloos volk; maar Neêrlands God zei: ‘Ik!’
Ook wij sluiten deze eeuwigdurende Aanteekeningen van Aanteekeningen met het plegtige
Dixi.; waarom wij hetzelve der vergetelheid ontrukken.
Toen ik het laatste vers van mijn vierden zang schreef, was hetgene dier Sybille mij nog onbekend. De onpartijdige Kooper en Lezer van dit werkje oordeele, of mijn: ik heb 't gezegd! mede sublime is; ik moge dan ook op andere plaatzen altijd geene orakeltaal gevoerd hebben. Ik verwacht slechts toegevendheid en welmeenende teregtwijzingen, in plaats van loftuitingen. Veniam pro laude. Gelukkig, heeft mijne poging een' gelukkigen invloed op onze, zich in zuid-Nederland ontwikkelende, Dichtkunst!
Q.D.O.M.B.V.!!
Cookies on Poetry Cove