Skip to content
1842

De spellingsoorlog

Prudens Duyse

Blz. 44, v. 2, v.o.

Een abt, nog kloek van vuist, neemt een van Heelu vast, Terwyl een Priester naer den Midlaer dreigend tast.

Het schynt eene noodwendigheid, dat er by een gevecht in den geest van hetgene voorkomende in den Lutrin, kanoniken tegenwoordig zyn. De eerw. heeren De Smedt, kanonik te Gent, en J. David, priester en uitgever van den Middelaer te Leuven, waren beide van de Spellingscommissie. Men kent de Slag van Woeringen, door Van Heelu, even als de Brabantsche Yeesten, door J. De Clerck, onlangs, op last van het Staetsbestuer, door de koninglyke Commissie van Geschiedenis in 't licht gezonden, en waervan de uitgave door den heer Willems is bezorgd geweest. Buiten de heeren Bormans, d'Hulster, J. De Smet, David en Willems, bestond de Commissie, uit de heeren Ledeganck, die onlangs eene vertaling van het fransch Burger-Wetboek heeft opgeleverd, en Verspreeuwen, destyds professor aen 't Antwerpsch Atheneum. De abt De Foere stond te Brugge aen 't hoofd der Spellingsprotestanten, onder welke men den heer Benninck, bekend beoefenaer der tooneelkunst, aentrof. Moedig verzette zich tegen hen de heer De Jonghe, uitgever der Chronyke van Vlaenderen, door Despars, en, door eene drukfout, op derzelver titel als hoogleeraer aen 't Brugsch Atheneum opgegeven. (Zie bl. 97, v. 4, v.o.)

Cookies on Poetry Cove

We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.
De spellingsoorlog · Prudens Duyse · Poetry Cove