Skip to content
1751

De gedichten. Deel 3

Pieter Langendijk

Jaarzang. Stemme: Als 't begint. De liefde.

Wy zullen Kunstliefs Jaardag vieren, Op onzen wolken troon; Men vlecht voor hem een kroon, Zyn zuiv're deugd ten loon, Van Hemelsche Amarant, en mirten en laurieren.

ô Zuivre Hemeldeugd, daal neder! En zit aan 's Bruigoms zy! Schenk goden lekkerny, Op 't vrolyk Jaargety, Gy hebt hem steets bemint, en hy bemint u weder.

Hoe zal zyn hart in vreugd ontfonken! Ik heb de schoonste maagd, Daar de Amstel roem op draagt, Die zyne ziel behaagt, Op zynen Jaardag hem in 's Hemels gunst geschonken.

De Spaarenstroom en Amstel zingen: Leef lang, o heilryk Paar! Dat de Opperzegenaar Uw hulp zy Jaar op Jaar En de eedle deugden steets uw ryken disch omringen.

Dan zullen uwe braave vaderen Die uwe tedere jeugd, Met wysheid, eer en deugd Geleidden, tot hunn' vreugd, Den Jaarelykschen disch der lieve kind'ren naderen.

Minerva zal uw ryken handel, In goud, en zyde stof, Uitbreiden, en uw lof Door menig vorstlyk hof Doen vliegen, met de faam van uwen vroomen wandel.

Cookies on Poetry Cove

We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.
De gedichten. Deel 3 · Pieter Langendijk · Poetry Cove