Ik ben dorstig geweest, en gy hebt my te drinken gegeven.
Wie dorstig is na Godt, de bron van 't Hemels Eden,
Laave uit mildaadigheid den dorst van Jesus leden.
Een gift om Christus wil is aangenaam en rein,
Dan drenkt hy u voor niet, uit zyne heilfontein;
Dan hoort gy zyne stem hier naa in 't eeuwig leeven:
'k Was dorstig, en gy hebt my laaffenis gegeeven.