Een staaltje van de geldzucht.
ô Predikheer, men zegt, gy hebt een werk geschreven,
Waar in de geldzucht word op 't yverigst veracht.
Maar ieder zegt, dat gy uw les zelf niet betracht,
Een groote goudwolf zyt, gedekt in 't schaapenvacht;
Dat blykt, uw geldzuchtboek wordt niet in 't licht gebracht,
Omdat de Drukker u geen gelds genoeg wil geeven.