I.
Ick wil beginnen een nieu Liedt.170
Ick moet u een liedt maken.194
Ick verblijde my, dat my gheseyt is Heere249
Ick wil beginnen een nieu liedt.253
Ick bevind het nu in dit leven.346
Ick beken met hert en mondt.366
Ick dancke o Heer u goetheyt groot.386
Iesus Christus my verlanght seer.400
Ieughdelijcke kinderen.36
In't hooghe liedt van Salomon stijf.64
Iohannes die voor-looper van Christo.217
Iongh-man het is wel haest te trouwen.79
Ionckheyt wilt Hemels soecken.161
Ionckheyt ick wordt ontsteecken.167
Israel die hielde met een suyver Lam.203