Skip to content
1720

Dichtkundige ziele-zangen

Philippus Sorgen

I I I. Deel. X V I I. Nu heeft my een groot verlangen Tot u Heiligheid bevangen, Dat ik mochte snel en rap, Stellen op u weg mijn stap, 'k Zou alleen u Rein begeren: Geeft my dat o Heer der Heeren, Toond my u barmhertigheid, 'k Zal u loven t'aller tijd. X V I I I. Heere Jesu slaat my gade, Uit u volheid geeft genade,

Neigd mijn hert voor en na, Dat ik rechte paden ga, Wild my met u jonste laven, Om te lopen, om te draven In u wegen t'aller tijd, Maakt mijn herte meer verblijd. X I X. O! Gy kond mijn Herder wesen, Mijn Verlosser, mijn genezen: Sonne der gerechtigheid: Straald op my tot aller tijd: Op dat ik u voor de menschen, Mag vereeren na mijn wenschen, Alle dagen groeijen aan, En in deugden verder gaan. X X. Wild my langer niet vergeten Die ben onder voet gesmeten, Drukt my die dus tot u karm, Als een Zegel op u arm, Jesu wild niet langer wijken Van my, of ik zal bezwijken, Jesu Christe, hoord, verstaat, Mijn geklag dat t'uwaards gaat. X X I. Och kond ik u wat beleven Die nooit is te hoog verheven, Och wat is 't een Zalig mensch, Die gy sterk maakt na zijn wensch, Send my hulp, en send my zegen, Op dat ik my stelle tegen 't Vleesch dat u niet heeft gevreest, Maar ook worsteld met den geest. X X I I. Jesu, wild doch uwe wetten Diepe in mijn herte zetten,

Draagt en ondersteund gy my, Want myn schild, mijn heil zijt gy. Wederhoud my van mijn zonden, Houd my vast aan u gebonden, Dat ik niet en stoot mijn voet, Maakt gy my een net gemoet. X X I I I. Laat ik op gezette stonden, Vruchten dragend zijn bevonden, Maakt my als een boom, geplant In een vruchtbaar weelig Land! Laat my als de Ced'ren wassen, Op uw wet en wille passen, Doet my gaan van kracht tot kracht Tot u Jesu, die my wacht. X X I V. Gy geeft gaven aan de menschen, Boven 't bidden, boven 't wenschen, Och dat gy eens tot my quam, 'k Zag een vier, een wolk, een vlam, In mijn koele hert ontsteken, Op mijn bidden, op mijn smeken, Hoord mijn Jesu! wacht niet lang, Want het vald my wonder bang. X X V. Wild my veele wijsheid geven, Om opregtelijk te leven, Doet mijn lampe, lieve Heer, Lichten, sterkt mijn krachten meer. Sterkt gy, sterkt gy mijne handen: En maakt los der zonden banden, Helpt doch een oprechtig Mensch, Kroond hem Jesu na zijn wensch.

Cookies on Poetry Cove

We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.
Dichtkundige ziele-zangen · Philippus Sorgen · Poetry Cove