Skip to content
1611

Emblemata amatoria

P.C. Hooft

Wyse: Fortuyn elaes bedroeft, &c. VErheven grootsche siel die 'swerelts doen belacht; Die Rijckdoom boven maet, en heerschappy veracht; Eerwaerde wyse Vrouw, die met u hooch verstandt, Der andren glans verdooft, en zeden maeckt te schandt.

Dit's mijn hoochdraghentheyt, dit's al mijn hovaerdy, Dat u verheven siel comt over een met my. Dit's al mijn hooghe moed dat ick u waerde ken; Dit's my mijn vryheydt waerd dat ick daer slaef van ben.

Mijn Vrou, ick ben u slaef nu heel, want ghy verwondt, 'Tweerspannich deel mijns harts, dat u noch teghenstondt; Wanneer u heuscheyts cracht beweechde mijn ghemoet, Ghelijck de sachte slaep den afghesloofden doet.

Vol oproers was mijn borst, vol felle windt en brandt; Een onbesuysde storm quelde mijn inghewandt; En mijn verdoolde gheest was heel met twist beroert; Dewijlmen in mijn hart een heftich oorloch voert.

Mijn Vrou 't verwonnen deel van't hart was op u zy; En't onverwonnen deel weygherde slaverny; Hier was een harden strijt, tot dat u heusheyt quam, Die licht de rest van't hart vermeestert innenam.

Ghelijck den sachten slaep, die veel ellenden sust, De moede leden stroockt met aenghename rust: Alsoo u heusheyt, die van't hart was langh verbeyt, Streelt my't ghemoet, met noch heftigher sachtigheyt.

Door u verwinningh Vrouw eyndicht den harden strijt. In mijn verwonnen hart ghy de Princesse zijt: Daer u verheven deucht op't rijckst gheschildert staet, Ach soete slaverny die boven vryheyt gaet!

Cookies on Poetry Cove

We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.
Emblemata amatoria · P.C. Hooft · Poetry Cove