XXVIII.
Gelukkig dat de Hoop, die troost der stervelingen,
De schat, die aangroeit bij het wisslen aller dingen,
Bleef liggen in uw doos, Pandora! op den boôm....
Zij geeft den lijder vaak de kracht weer in den droom.
Doch wel hem, die haar kent als Zuster van 't Gelooven,
Die met een vroolijk oog, glimlachend, wijst naar boven.