Skip to content
1869

Dichtwerken

P.A. Génestet

XXVI.

Bekrompen als een best, die eeuwig kousen stopt, En - bij een onweêr - om haar oude zonden tobt; Hij knort, als hij verliest, een flauw partijtje spelend, Is bar konservatief en radikaal vervelend; Kortom een dwaas figuur in deze triestige eeuw, En ook nog.... Ridder van den Nederlandschen Leeuw! En dát 's nu juist zijn fort! want mijn gelukkig vrindje Sprak van zijn geeltjes graag, maar liever van zijn lintje.

Cookies on Poetry Cove

We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.
Dichtwerken · P.A. Génestet · Poetry Cove