XX.
Hij was bizaar, vol wilde en romaneske vlagen,
En geestig als - de Gids... in lang vervlogen dagen,
Eer in zijn hart, verflauwd voor Letteren en Kunst,
Hebreeuwsch en politiek, ach, stegen in de gunst,
Eer hij professor werd, vervelend en geleerde,
Geen lieve meid meer groette en eeuwig door studeerde!