XXIV.
Zij groeiden heerlijk op, als in de zonnestralen
Dier koesterende zorg! Wat sprookjes en verhalen
Kon hij met Jobsgeduld vertellen voor en na;
Hoe teeder sloeg hij staag heur jonge ontwikkling gaê;
En toen ze als meisjes straks heur zorge ook hem besteedden,
Hoe werd hij rijker steeds in al haar lieflijkheden!