CVII.
Wat deed de kommandeur? - Wat zou de stumper doen?
Kon hij zijn hoog pardon nog weigren met fatsoen?
Twee tantes stonden met haar zakdoek aan haar oogen,
En ieder smeekte en bad in stilte of luid bewogen.
Hij-zelf, hij was bijna getroffen, in de war,
't Scheen of hij raad vroeg zoo aan de eene of de andre star,
En de eerste wrokte nog om 't liedje van Kokanje,
Maar 't kommandeurskruis riep: vergifnis en.... champanje!