LXI.
‘Schuift, jongens,’ - zegt Mevrouw - ‘bij 't vuur den zorgstoel aan,
Want de oude man heeft veel vermoeinis uitgestaan.’
Dan, hoorders, volgen al die sprookjes, praatjes, vragen,
Die ge u herinren zult nog uit uw kinderdagen:
Of daar gezorgd is voor het oude, grauwe paard,
Waarmeê de brave Sint zijn toer maakt over de aard',
En: u komt zóó uit Spanje? u zal de koû wel hinderen?
En: heeft u ook een gard? en: houdt u veel van kinderen?