Skip to content
1869

Dichtwerken

P.A. Génestet

XXIII.

Nu was hij weder her- en derwaarts heengezworven: Eerst naar den jager, waar de moeder was gestorven; Daar sprak zijn teedre ziel een woord van moed en troost, Hij kuste, met een traan in 't oog, 't verweesde kroost; De woeste knaap scheen als een Engel in hun midden, Die God voor 't arm gezin om kracht en hulp kwam bidden.

Cookies on Poetry Cove

We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.
Dichtwerken · P.A. Génestet · Poetry Cove