Skip to content
1869

Dichtwerken

P.A. Génestet

II.

Gij zijt mijn man en ik omhels u in den geest, Voor u te zingen is mijn blijde jeugd een feest! Voor u mijn frissche lach, mijn opgeruimde zangen: Den ronden lach terug wil ik tot loon ontvangen, Uw tranen wil ik niet. Die kostelijke schat Komt beter u te pas op eigen levenspad, En, zoo ik u verveel - de hachlijkste aller kansen - Dan moogt gij bij mijn vers gaan slapen, fluiten, dansen.

Cookies on Poetry Cove

We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.
Dichtwerken · P.A. Génestet · Poetry Cove