VIII.
Sint-Nikolaas, niet waar? O wèl hem, wie dat feest
Nog altijd meêviert met een kinderlijken geest!
Wiens hoofd niet al te zeer vervuld is van die schatten
Der wijsheid, die, helaas, mijn brein niet kan bevatten,
'k Meen beursnieuws, politiek en soortgelijke meer,
Om, met zijn kindren meê, te leven in 't weleer,
Om dagen lang vooruit de winkels rond te dwalen,
Of aan een ‘vrijster’ nog zijn hart eens op te halen!