II.
Ik weet niet hoe u één dier spelen kan vermaken;
Mij trekt het groene veld meer dan het groene laken,
De roode rozen meer dan ruite- of harte-troef;
Mijn hart is voor verlies en winst als waterproef;
Daar is maar één spel, dat mij hartstocht is en weelde,
Daar 'k alles voor laat staan en dat mij nooit verveelde.