Skip to content
1869

Dichtwerken

P.A. Génestet

XXXI.

Vier lieve diertjes zijn van 't ridderlijke nest: Eén manlijk oir, drie blonde dochtertjes; de rest Familie, neef en nicht, gewoon sinds vele jaren Dees dag hun vreugd aan die der riddertjes te paren. Straks wordt er braaf gestrooid, gegrabbeld en verrast: Wij grabblen meê! niet waar? Elk uwer is hier gast, En schoon gij mooglijk voor die kinderpret zult passen, Ik hoop u toch met een surprise te verrassen.

Cookies on Poetry Cove

We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.
Dichtwerken · P.A. Génestet · Poetry Cove