Skip to content
1618

Emblemata aliquot selectiora amatoria

Otto Vaenius

Cupido tot de Ieught. Een treurigh eenich dier, mismoedich sonder lust, Die in ghepeynsen droef gaet malen met onrust; En die in d'onlust selfs te nemen schijnt behaghen,

Gheboren maer om sorgh voor hem alleen te draghen, Berooft van leven, gheest, ghevoelen, en van hert, En overmidts door my hy niet beweeght en wert, Liefds lieffelicke kracht hy nimmermeer can smaken,

Die 's levens honigh zoet kan noch veel zoeter maken, En oock vermindren seer zijn bitterste verdriet: In 't aensien aenghenaem zijn ooghen weyden niet Van zijn herboorteniss' van kindren zoet van zeden,

Die d' een voor d'ander nae voorteelende verbreden Op d'aerd' onstervelick den mensch in eewicheyt: Wee hem die is alleen, zo hy ghevallen leyt.

Cookies on Poetry Cove

We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.
Emblemata aliquot selectiora amatoria · Otto Vaenius · Poetry Cove