Skip to content
1618

Emblemata aliquot selectiora amatoria

Otto Vaenius

Cupido tot de Ieught. En helpt hem niemant op, of stilt hem in zijn klaghen: Een bandt alleen en kan niet zo veel lasts verdraghen, Als een de welck van twee ghevlochten is in een:

Gheen eer de jongheliens zijn schuldich aen de gheen' Die met geen kindren lief de werelt gaen vermeeren, Die hem in d'ouderdom weer zouden moghen eeren. En wat zijt ghy, O vrouw', die blyvend' oock alleen,

Vyt u ghedachten sluyt mijn wetten al ghemeen, Veel droever als een man, leydt ghy een eenigh leven, Wat zal ten lesten noch het weygheren u gheven? Als van u fieren moet de tijdt de vleughels kort,

En dat de roosen root, en lelien verdort Van uwe kaken zijn, als het korael der lippen In bleeckicheyt vergaen, u treurigh sal ontslippen,

Cookies on Poetry Cove

We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.
Emblemata aliquot selectiora amatoria · Otto Vaenius · Poetry Cove