Skip to content
1755

De Amstelstroom

Nicolaas Simon Winter

Bladz. 97. Vs. 17. 18.

Gelder poog' zich fel te wreken Over tweeden Karels haat,

In 1508 bemagtigden de Gelderschen Weesp en Muiden, en vielen op Amsteldam aan; doch wierden dapper afgewezen. Een' tweeden toeleg weder mislukt zynde, trokken zy af. In den winter van 1512, deeden zy een' stouten togt; staken de voorstad buiten de Anthoniespoort, en wel 20 schepen, die in de Waal lagen, in brand. De Heer van Wassenaar trok hen na, viel hen by Utrecht aan, doch wierd geslagen, gevangen, en in een yzeren kooi gesloten. De Amsteldammers deeden op de zuiderzee den Gelderschen alle mogelyke schade, en gaven hunne ingezetenen vryheid op hen te mogen roven. In het volgende jaar wierd een bestand getroffen; na het eindigen van hetzelve roofden de Geldersche Friesen onder een' kaper, groote Pier genoemd, op de zuiderzee; doch de Hollandsche admiraal bemagtigde veelen zyner schepen, en doemde de gevangenen, als zeerovers, ter galge, omdat door grooten Pier alle de Hollandsche gevangenen in zee verdronken wierden.

Cookies on Poetry Cove

We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.
De Amstelstroom · Nicolaas Simon Winter · Poetry Cove