Ghebedt, om te verkrijghen de gave der vreese Godts.
ALmachtigen Godt ende Rechter, wiens vierschare uyt-nemende rechtveerdigh is, endewiens oordeelen seer strenghe zijn: stort in ons uwe Godlijcke vreese, die het begintsel aller wijsheydt ende deught-saemheydt is; op dat wy voor uwe scherpe vonnissen schroomende, alle sonden moghen haten; ende die wy ghedaen hebben, door voldoenelijcke wercken van penitentie verbeteren, ende voort-aen, als uwe ghetrouwe ondersaten, met op-ghegorde lendenen u mogen dienen, ende met brandende lampen der goeder wercken tot uwe comste gedurichlijck maken. Door onsen Heere Iesum Christum uwen Sone, die met u leeft ende regneert, in de eenicheydt des heylighen Gheests, Godt in alle eeuwen der eeuwen. Amen.