Skip to content
1646

Erato

Leonardus Gouwerak

Stemme: Amarile mia belle.

Ick bid u segh mijn waerde, Hoe lang sal ick noch in eenigheyt leven, Wilt ghy geen gehoor geven, Of wilt gy mijn over-droevige klachten, Steets horen, en niet achten, Segt waerom wilt gy mijn siel door min vermoorden Doort beminde /: / :/: mijn woorden.

2. Wilt ghy na mijn niet hooren Of hebt ghy steets in mijn verdriet behagen, En mijn heel droevigh klagen, Segh wanneer sal ick van een genieten Vreughde, voor mijn verdrieten, Ick wens soo ick u waerde schoonheyt mach derven Niet het leven /:/ /:/ /:/ maer ‘t sterven. 3. Ick bid u hoort mijn schoone, Hebben de tranen by u geen vermogen, Van mijn bedoude oogen, Siet die gelijck als een vloet neder stralen, En op de Aerde dalen, Konnen die in u niet scheppen een versachten Hoort beminde /:/ /:/ /:/ mijn klachten. 4. Soo ick u gunst niet krijge, Mijn bloet sal tot dien laetsten drop uyt teeren

Soo ick u moet ontbeeren, Aen u hanght mijn vreught, mijn sterven, en leven, Ghy kont nemen en geven, Mijn waerde sal ick geen van u ontfange, Soo ist leven /:/ /:/ /:/ mijn bange.

Cookies on Poetry Cove

We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.
Erato · Leonardus Gouwerak · Poetry Cove