Skip to content
1625

Het groote liede-boeck

Leenaert Clock

Op de wyse: O Heer ghy staet altijt in mynen zinne. Wie Christum wil salven na sijn behaghen, Moet dese specerye met hem draghen.

Marc.16,1.MAeckt u op wilt die specerye bereyden Om Christum te salven nu vroech opstaet, Als d'ander deden deur barmherticheyden, Marc.16,2Sy quamen des morgens voor den dageraet. Marc.3,24 17Gaet voor hem met eenen herten rouwen, Actor.3,19.Over het leven misbruyckt onbequaem, Toont hem inwendich aldaer u benouwen, Dat sal hem wesen salve aenghenaem. Matt.26,9Daer toe brenght mede een oprecht belyden Matt.3,6.Over die zonde deur ootmoedicheyt Iacob.5,16Dese specerye doet hem seer verblyden, Godtlijcken troost heeft hy voor u bereyt. Al so moet ghy ooc noch meer mede dragen

Ghenoechdoeninge voor die zond' t aller stontMatt.20,8 Met wercken na sijn Goddelijck behaghen, Goetwillich en dat uyt uwes herten gront. Een medelydich herte daer benevenMatth.5,7. Over den armen brenght oock mee ghepast,Iacob,2,13. Weest met ontfarmherticheyt soo omghevenGalat 6,4.Rom.15,1. En wilt willich draghen mee des naesten last.2.Tim.3,16 2,25. Noch hoort hier by den troost uyt uwen monde, Het onderwijs die straffe en 'tvermaen, Om hem te helpen uyt des herten gronde, Door die onderwysingh die hy sal ontfaen. Alsmen deur woorden bewijst charitatenMat 25,35 Soo moet men oock salven met werck en daetRom.14,17. Spysen en drincken so in goeder maten 'Trijck Gods voorwaer in geen woorden en staet.Luce,2,25. So moet men ooc geheel aendachtich wesen Na 'tHemelrijck en die heerlijckheyt schoon Al Gods weldaden heerlijck hoogh ghepresen Die hy ons aenbiet deur Christum synen soon.Ephes.5,20. In uwen mont moet altijt zijn ghestadichColl.3,17. Dat loven Gods en groote danck gheseyt,2.Tes.5,18. Van synen gaven groot ende goetdadichPsal.63,6. Moet men hem prysen int herte niet bescheyt.Matth.10,22,24,13. MEN moet ten lesten in al dese saken, Ghetrouwelijck volharden totten ent, Salft ghy hem dus soo sult ghy wel gheraken Met hem namaels heerlijck in des Hemels tent. Slaet dit wel gade 'tis weert te bedincken1.Tim.4,15 Staet ghy vroech op en salft alsoo den HeerTit.3,8. Het sal sijn liefde in u hert ontfincken,marc.16,22.Petr.1,17. En hy sal u croonen met prijs en met eer.Hebr.2,7.

Cookies on Poetry Cove

We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.
Het groote liede-boeck · Leenaert Clock · Poetry Cove