H.
’t Hart door Jesus liefd’ ontstoken.45
Het huichlend Priesterdom, ’t geen smaald’ op Jesus magt.125
Het liefdemaal door Jesus uitgedagt.140
Het menschlijk hart zij stug en koel.94
Hij, die tot d’ oefning zijner pligten.31
GEZ.
Hij weene die op aard’ zijn hoogst geluk ziet groeijen.146
Hoe blinkt uw Majesteit alom.2
Hoe blinkt uw wonderdoende magt.95
Hoe glansrijk, aller heemlen Heer.3
Hoe heeft de waan ’t verstand gekrenkt.1
Hoe menig plan wel uitgedagt.93
Hoe snel vervliegt dit wisselvallig leeven.145
Hoe ver reikt wel uw zedelijke kragt.78
Hoe zalig, Vader! is ons lot.61
Hoe zullen wij, naar ’t rein gevoel.38