Skip to content
1599

De harpe, oft des herten snarenspel

Karel Mander

nae de wijse: Veni creator Spiritus. Psal.103.1 ende 104,14.MIjn Ziele loeft den Heere, uyt alle [uwe] cracht, Die u in sijner wooninghe heeft ghebracht[,] Dach ende nacht wilt danck bewijsen, Deut.8,3. Die Ziele en lijf can spijsen, Tob.13,19Wilt hem doch prijsen. Psa.104,1 ende 107,20Ghy zijt wel prijsens weert, o lieve Hee[re] mij[n] Want ghy zijt mijner Ziele een Medecij[n] Sap.16,12Olye en Wijn, nae Schrifts vermonden, Luc.10,34.Goot ghy in onse wonden,

[W]iest af ons zonden.Apoc.1,5. Wie heeft doch meerder barmhertichede ghedaen,Luc.10,37. [D]an ghy, o rechten Samaritaen, [O]ns byghestaen ons schuldt ghedraghen,Rom.8,3. [D]ie wy ten eeuwighen daghenGal.3,13. [M]oesten beclaghen.Deut.27. V moeten wy wel prijsen, o Heere bouen al,Psal.103,1 [D]ie ons heeft ghenesen van Adams val,Rom.5.12 [I]nt jammerdal, zijt ghecomen,Psal.84.7. [E]n hebt ons aenghenomen,Ioan.7,37 [W]t dat verdomen.Ioan.3,16 Want al wat dat de Wet niet en vermochtRom.8,3. [D]at heeft Christus met sijn doot volbrocht [D]at schaep ghesocht dat was verlooren,Luce,15,6. [O]m ons te vrijden al voorenIoan.3,17 [W]t Godes tooren. Ghy hebt dat hantschrift gewendt tot onsen behoet,Col.2,14. [E]n voor ons allen ghestort u bloet,Matt.27. [D]en Vader goet, ghestelt te vreden, [D]ie Wijnpersse ghetreden,Apo.19.15 [E]n vele gheleden. Om ons te bevrijden uyt den eeuwigen noot,Esai.25,8. [S]oo waert ghy, o Heere, de doot, een doot,Ose.13,14 [D]it vindt men bloot, seer claer geschreuen,1.Cor.15,55 [E]n ons zonden vergheuen,Luc.24.46 [O]p dat wy leuen. Wie heeft meerder liefde, so ghy, o Heere, vertelt,Ioan.10,11 [D]an die sijn leuen voor sijn schapen stelt, [S]'Duyuels ghewelt, hebt ghy ghewroken,Heb.2,14. [D]ie seven Seghels ghebroken,Apoc.5,2.

Dat Boeck ontsloten. Ioan.3.16Want so lief hadde God die weerelt ydoon Rom.8.4.Dat hy Christus sijnen Sone schoon, Luc.11.22.Wt sijnen troon, hier heeft ghesonden, Col.2.16.Den stercken man ghevonden, mat.12.29En vast ghebonden. mat.27.34Ghy hebt voor ons, o Heere, so veel gelee[n] Gen.3.Ende den Duyuel sijnen cop vertreen, joan.17.15Voor ons ghebeen, in u verclaren, Dat ons Godt der heyrscharen, Soude bewaren. Apoc.1.5.O Princelijck Godt vol alder heerscha[p]pije[n,] 1.Pet.1.20Die voor des weerelts begin was voorsie[n] rom.16.24Ten laetsten tijen, vertoont int wesen, 1.Pet.1.19En met u bloet ghepresen Ons al ghenesen. Schickt u nae den tijdt. Rom.1[2]

Cookies on Poetry Cove

We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.
De harpe, oft des herten snarenspel · Karel Mander · Poetry Cove