Skip to content
1613

Bethlehem dat is het broodhuys

Karel Mander

Wijse des 74. psalms.

P. HEbreus vriendt, u droef sangigh gheclagh, Geeft my vermaec en vald my onverdrietigh Als wandel-gast die ruyschend borne vlietigh En koele schaeuw ghevonden heeft tot rust. S. Al meer en meer groeyd in my hoorens lust, Soo Bye nae tijm is guls om garen honigh, Nae sulcken sangh den Herders ongewonigh Verlanght mijn hert o Heber lieve vriend. A. Een droncxken uyt mijn vles hebdy verdient Waert Nectar soet ic sout u geeren schencken S. Wt mijn snapsack een beetken kaes daer t drincken, Seer wel opsmaect wil ick u schincken mild, P. Als dichter goed voor niemand swichten wilt Heman Calchal Ethan des Israhyten, Noch Darda oock en doen u geen verwijten, Dat ghy daerom van sangh soud sijn gestild. Eynde des eersten Veld-Lieds.

Cookies on Poetry Cove

We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.
Bethlehem dat is het broodhuys · Karel Mander · Poetry Cove