Skip to content
1868

Uit het studentenleven en andere gedichten

Julius Vuylsteke

III.

Wij staan te Roosebeke1382.en hooren, opgewonden, 't bevel door Artevelde,den tweede, rondgezonden: ‘Den vreemden geen genade!het vaderland eischt bloed! gij spaart alleen den koning,hij weet niet wat hij doet.

Wij voeren hem naar Gent meê,om hem ons taal te leeren!’ Doch 't lot bedriegt zijn hope:de vreemden triomfeeren, en 't land bezwijkt... maar 't rijst weêr, door Ackerman geleid, en stelt als overwinnaareen einde aan 't bloedig pleit.1385.

En wordt de vlam te Gaververdoofd,1452. toch blijft zij blaken. En siddrend hoort Mariaons plotseling ontwaken, als onze stemme wederzich rondt tot een gebod en 't hoofd van haar ministersdoet rollen op 't schavot.1477.

Cookies on Poetry Cove

We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.