XIII.
Dan toog de Graaf nog eenmaal naar het Hof.
Hij vroeg en kreeg een onbepaald verlof.
Toen ging hij scheep en is hij uitgeweken,
Doch niemand weet naar welke wereldstreken.
Maar onder 't volk gelooft men t'allen kant
Dat hij gezeild is naar het Heilig Land.
Men zegt, hij was in zijne jonge jaren
Met eenen vriend er reeds naartoe gevaren,
En is nu weêr naar de oevers der Jordaan,
Om elken dag te knielen op de baan
Waar met zijn kruis de Heiland heeft gegaan.
einde van het eerste boek.