IV.
Zij werden dan elk een-en-twintig jaar,
Doch meer dan ooit verschillend van elkaâr;
Want Willem kon volstrekt maar niet begrijpen
Waarom men danst naar iemand anders pijpen, -
In schoonre taal, maar ook wel eens zoo flauw:
Waarom hij zich aan iemand storen zou.
Hij had nochtans nooit meer dan één paar schoenen,
En liep ze scheef, tot dat hij aan zijn bed
Een ander paar vond in de plaats gezet.
Frits was baron en erfde zijn' miljoenen;
En Hugo, thans de Wroeter-demokraat,
Studeerde in Gent het vak van advokaat.