Skip to content
1828

Mijne porte-feuille

Js. M. Pfeil

De gasten. wijze: Contre les chagrins de la vie.

Uw gulheid, nooit genoeg verheven, Vroeg ons aan dezen disch te gast, En wie kan van den honger leven! Wij hebben rijklijk toegetast. bis. Wij zijn verblijd, en profiteeren, Van all' wat ons de tafel biedt; Hoe veel moest Adam eens ontberen! Men kende toen nog 't braadspit niet. bis.

Ook heeft hij nimmer wijn gedronken, Maar hield veelligt een muizen maal! Uw vriendschap heeft ons mild geschonken, Heb dank, heb dank voor uw onthaal! bis. Wij leven hier in rijk genieten, En, of men nu eerst wijndorst kreeg! Geen droppel zal er overschieten, Het glas moet tot den bodem leêg. bis.

Cookies on Poetry Cove

We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.
Mijne porte-feuille · Js. M. Pfeil · Poetry Cove