Skip to content
1869

Verspreide en nagelaten gedichten

Johan Michael Dautzenberg

II.

Over bergen en dalen, Loopt mijn kronkelend pad, Verre weg van den zalén Eener woelige stad.

Stilte heerscht op den lande, Waar geen kommer ons drukt, Waar in woud en warande Vrede en vreugd ons verrukt.

Akkers pronken en weiden In den heerliksten dos, Bloemen sieren de heiden, Loover, wingert en bosch.

Buiten slechts is de wereld Onverwelkelik schoon, De aarde spreidt er bepereld Heure schatten ten toon.

Louter bloemen en bloesem, Louter leven en licht - O, mij huppelt de boezem Bij dit heerlik gezicht.

Bloemen! gaarde ik uw kleuren In oorspronkliken glans, 'k bood' ze aan God met uw geuren In 'nen blijvenden krans.

Cookies on Poetry Cove

We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.