Skip to content
1676

Uyt-spanningen, behelsende eenige stigtelyke liederen

Jodocus Lodenstein

Aan my op mijne bedenckingen daar over, 24. Maert 1652. 'K Sag in uw hoogste nood geen meed'ly t'uwer baten, 'k Sag op een vuyle vlugt uw Jong'ren altemaal, En hoorde Petrus vlouck by Cajaphas portaal, En wist wel dat gy waart van yder een verlaten.

Maar nog en wist ick niet, O! lijden boven maten! Dat gy verlaten waart van Godt in 's Hemels saal, En van sijn liefde mogt genieten vonck nog straal; Ten waar' uw eygen mond die clagt had uytgelaten.

O! Gods verlaten Soon! die my verlater Gods met God weer hebt vereent, geeft my mijn rust, mijn rots Geev my om uwent wil mijn liefste lust te laten.

Ah! liefste lust mijns Vleeschs, wat vleydt en smeeckt gy my, Wat bedelt g'om een uyr my nog te blijven by? Weg! leyder lieve lust! 'k moet lief om lieverhaten.

Cookies on Poetry Cove

We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.
Uyt-spanningen, behelsende eenige stigtelyke liederen · Jodocus Lodenstein · Poetry Cove