Ook gedacht ik hoe ik speelde,
En met snaarenspel my streelde,
Wyl myn mond een danklied song,
Voor veel deugds, die ik ontfong.
Al den nacht, ontrust van smarte,
Ooverlei ik in myn harte,
En myn droeve geest doorsocht,
Of ik dit wel weeten mogt:
Cookies on Poetry Cove
We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.
Davids Psalmen · Joannes Six van Chandelier · Poetry Cove