Maar hy bevondt den doolweg algemeen.
Al watter was ging van syn spoor geweeken,
Te saamen vuil, vol stanks, en zielgebreeken,
Daar isser geen die goeddoet, jaa niet een,
Van groot, noch kleen.
Cookies on Poetry Cove
We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.
Davids Psalmen · Joannes Six van Chandelier · Poetry Cove