3.
Gy, Heer, myn God, deed wondren voor 't gemeen,
Uw gunst heeft ons veelsins bedacht,
Niets isser uws gelyk in magt,
Zou myn verhaal, en uitspraak die ontleên?
Veel meer zyn haar getaalen,
Dan iemand kan verhaalen.
Uw lust wierdt niet bekoort
Door offers die men slacht,
Geen spysgeschenk had kracht,
Gy hebt my toor doorboort.