Pause.
4.
De Heer, de God der leegerschaaren,
Is self met ons in krygsgevaaren,
Die Jakobs God, ons hoogste slot,
Verhoogt ons ook door 't oorlogslot.
Gy twyffelaars, komt hier dan leeren,
Besiet het werk, en doen des Heeren,
Hoe veel verwoestings syn geweld,
Op aarden, al heeft aangestelt.