Skip to content
1674

Davids Psalmen

Joannes Six van Chandelier

9.

Daar nestelen de voogelkens met lust, Want ieder broedt syn eikens daar gerust. Daar siet men hoe, op 't hoogst der denneboomen, Den oojevaar syn woonhuis heeft genoomen. Ook heeft hy voor den steenbok, en de geit, Het hoog gebergt, dat steenig is, bereidt. De steenrots strekt, met ingeschaape kuilen, Een goed vertrek, waar in 't konyn kan schuilen.

Cookies on Poetry Cove

We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.
Davids Psalmen · Joannes Six van Chandelier · Poetry Cove