6.
't Geweld des slagswaards zal dien dwaas,
En al dien hoop hun tyd verkorten,
En saam, in bloed, op velden, storten,
Den graagen vos ten deel, en aas.
Dan zal de kooning sich verblyden,
Als hy, door God, het ryk beheert,
Al wie God dient, en by hem sweert,
Zal dan, vol roems, Gods trouw belyden.